Onder het kopje Persoonlijk! komen wat tips en belevenissen te staan van jullie verslaggever. Als je hier 3 maanden gaat ‘wonen’ maak je vanalles mee, spannend en minder spannend. Maar als het de moeite waard is om het te vermelden komt het op de Blog!
Zaterdagavond is stapavond, tenminste dat is de traditie in Nederland. Even lekker los in de kroeg of discotheek. Dus zaterdags doen we dat hier ook! En dan hebben we hier nog geen rookverbod, is er gewoon alcohol te krijgen en is de muziek een frisse mix van lekker hip, live-muziek of avondjes met de traditionele Arabische klanken natuurlijk.
In Agadir kan je goed uitgaan. Er zijn talloze café’s aan de boulevard, lekker eten doe je in de wijken Talborj en Batoir en echt stappen kun je richting Founty: daar waar de grote hotels liggen (Sofitel, Papagayo etc). Ook de nieuwkomer Actors mag er zijn: een luxe club die bij het Royal Atlas Hotel (in het centrum) hoort richting de boulevard. Om daar maar even mee te beginnen: het is supermooi ingericht, best stijlvol, maar de bezoekers zijn op de toeristen na, vaak iets aan de jonge kant. Maar dat mag de pret echt niet drukken, Actors is zeker een bezoekje waard als je in Agadir bent.
Papagayo is een van de leukere uitgaansgelegenheden in de stad. Het publiek bestaat uit een goed gemengd gezelschap van locals en toeristen, vergezeld door leuke muziek en niet al te overdreven prijzen voor een drankje maken dit zeker tot een place to be. De entree is op sommige avonden wel een beetje aan de hoge kant… maar aan de andere kant: daar krijg je wel een echt toffe avond voor terug.
De andere grote kraker in Agadir is de discotheek van het Sofitel Hotel. Dit is een goed bezochte ‘club’ door zowel Marokkanen als toeristen. De entree is op een normale zaterdagavond al snel 2 of 3 tientjes, maar daar krijg je wel een hele ervaring voor terug. Meestal is er op zaterdag eerst nog live entertainment tot een uur of één en daarna is er een dj. Soms bekend, soms onbekend: in ieder geval hebben ze aanzien hier. Als je van te voren weet dat het druk wordt of zeker een lekker plekje wil hebben reserveer je een tafel (met drank).
Ook hier weer vloeit de alcohol rijkelijk en worden de waterpijpen gerookt als sigaretten. De kleine dansvloer is altijd wel vol, en de lounges eromheen ook. Het is zeker een setting waar je een heerlijke zaterdagavond kan beleven en even lekker los kan gaan. Liever rustiger uit? Op naar de boulevard

Als je in de ‘zomer’ door de straten van Agadir loopt zie je de ‘invasie’. De Europese Marokkanen hebben vakantie en komen weer allemaal even naar hun geboorteland. Opvallend is dit jaar het grote aantal Nederlandse kentekenplaten in Agadir! Als je nu een gele kentekenplaat ziet is het niet altijd een Franse auto, maar vaak al een Nederlandse. Iemand een verklaring? Of is Agadir gewoon zo populair inmiddels in Holland?
Als Nederlandse variant van agadir-souss.com kan ik het gewoon niet laten om te zeggen … het zijn er echt meer dan vorig jaar.
Agadir, de meeste mensen kennen het als ’stad in Marokko’ en daar houdt het mee op. Okay, het is de grootste toeristische trekpleister van het land: prachtige stranden en bijna elke dag zon. Tel daarbij op dat het hier altijd wel rond de 30graden is en je hebt een ideale vakantiebestemming. Maar er is meer dan dat.
Ooit (in 1746) waren er al Nederlanders op bezoek in Agadir. Dat bewijst het kleine zinnetje ‘eert God en vreest de Koning’ dat nog steeds op de oude (ingestorte) kasbah van Agadir staat. In 1505 stichten de Portugezen de stad onder de naam Santa Cruz. De stad had een ligging bij een Wadi in de Sous-regio. Al snel werd de stad een belangrijke havenstad en exporteerde met name suiker. In 1541 valt de stad weer in Marokkaanse handen.
In 1605 zijn de eerste Nederlanders in de haven van Agadir geweest, maar in 1746 lieten ze pas een echt spoor achter. In 1731 was Agadir namelijk geraakt door een aardbeving. De zeevaarders uit Holland hielpen de stad, onder goedkeuring van de sultan, weer op te bouwen.
Maar dan verzwakt de positie van de stad, Essaouira, een nabijgelegen kustplaats wordt belangrijker en Agadir verandert in een rustig stadje. Een duizendtal inwoners blijft achter. In 1911 plaatst de stad zich weer op het toneel. De Duitsers en Fransen strijden dan om de stad: uiteindelijk wordt een akkoord getekend ten gunste van de Fransen. (Misschien is dit wel de grondslag voor het latere toerisme: de meeste toeristen die de stad bezoeken zijn Fransen en Duitsers!
Vanaf 1950 begint Agadir de vorm de krijgen zoals we die nu kennen. De haven neemt zijn belangrijke positie weer terug en de eerste hotels komen in het stadsbeeld. Maar dan!
Op 29 februari 1960 wordt Agadir met haar 40.000 inwoners getroffen door een aardbeving. De stad wordt totaal verwoest, 15.000 inwoners sterven. De stad wordt herbouwd, 2km ten zuiden van de oude stad. Vandaar dat Agadir nog een jong uiterlijk heeft en geen echte medina meer kent.
De stad profileert zich met zijn 10km strekkende strand en 300dagen per jaar zon tot een echte trekpleister voor Europeanen.





De koning van de rai stond zaterdagavond op Place Al Amal. Khaled had Agadir op zijn hand en speelde een set vol hits. Maar welk nummer van deze Algerijn is voor de Maghrebijnen niet mee te zingen?
Eigenlijk behoeft deze man geen introductie: Khaled is een feit. De koning van de rai die in Algerije opgroeide en vervolgens zijn heil in Frankrijk zocht. Daar raakte Cheb Khaled zo populair onder de immigranten dat hij uitgroeide tot een fenomeen. Aan het eind van de jaren ‘90 werd hij wereldberoemd met zijn hit Aicha. Vanaf dat moment is hij niet meer weg te denken uit de muziekwereld.
Khaled, die eigenlijk Khaled Hadj Brahim heet, speelt Timitar zonder moeite plat. Vanaf de eerste klanken zijn de Marokkanen helemaal verkocht. Jong en oud zingt en klapt mee. De hits vliegen voorbij: van trighe lycee ya delali en lilah ya jazayir tot het overbekende sahra, Didi en chebba.
Place Al Amal is overvol, tot aan de randen toe voor de café’s staan de mensen te kijken. De mensen massa heeft zich zelfs op de stoep aan de andere kant verzameld: motors in de hand, fietsen mee, of kleine krukjes zodat ze relaxed naar de show kunnen kijken. Eerder speelde de Algerijn dit jaar al op het Concert Pour la Tolerance in Agadir, waar hij ook het meest druksbezochte optreden had.
Als de hit der hits voorbijkomt: Aicha, is het feest natuurlijk compleet. Heel het plein lijkt even te veranderen in een groot koor: van klein tot groot, stadslui tot de bezoekers uit de boerendorpen, iedereen zingt mee. En iedereen zingt net als Khaled: t’en vas pas. Maar Khaled gaat uiteindelijk wel. Onder politiebegeleiding scheurt de zanger van het Timitarterrein af. Tot de volgende keer dan maar weer.






Scène Bijaouane is het rap en hiphoppaleis vrijdagavond op Timitar. Lokaal talent Rap 2 Bled uit Agadir, Didier Awadi uit Senegal (die overigens eerder op Festival Mundial in Tilburg stond) en Fez City Clan uit Fes zorgden voor een drukbezocht avondje.
Hiphop is echt helemaal ‘the bomb’ in Marokko. De scène groeit en groeit en dat moet de organisatie van Timitar geweten hebben. Het plein voor het podium was zo druk bezocht dat je bijna kan zeggen dat het letterlijk zwart stond van de mensen. En dat voornamelijk voor één groep: Fez City Clan.
De clan bestaat uit 6 stevige mannen: Dj Toto (die de groep in 2000 oprichtte), v-wanted, L-tzack, Seigneur M, comoriano en MC Anou. De MC is overigens een jochie van 12 met een gouden raptalent. Een engelenstemmetje dat gewoon mee kan draaien tussen de grote binken in de groep.
In Agadir houden ze wel van een beetje rap, dus joelt de menigte jongeren uitzinnig bij ieder nummer. Ila chefti 3ref bli is een van de bekende nummers van de groep. Het wordt luidkeels meegejoeld. Want de teksten van de City Clan hebben buiten een hoog dansbare factor, ook een boodschap. Gelijkheid, een uithaal naar de politiek, jong zijn etc., de clan wil de ‘kids’ wel iets meegeven.
Maar dan is het ineens zwart op het podium, het stekkertje van de elektriciteit is uitgevallen. De Gadiri blijven gewoon klappen en zo komt vanzelf de sfeer en het licht weer terug.






Op Place Al Amal was het de avond van de vrouwelijke talenten. Niet alleen grote Marokkaanse namen als Fatima Tabaamrant, Najat Aatabou en de Bnet Houariates beklommen het podium, ook Rokia Traoré was van de partij. Een getalenteerde zangeres, tekstschrijfster en gitariste uit Mali.
De Marokkaanse collega-zangeressen van Rokia, Tabaamrant en Aatabou, zorgden ervoor dat het plein in het centrum van de stad goed gevuld was. Voornamelijk families bezoeken het podium op Al Amal. De twee zangeressen van Marokkaanse komaf zijn bijzondere dames. Ze zingen met een feministische kijk op het leven: tegen mannen die hun vrouw verlaten, tegen de nieuwe familiewet, tegen de ongelijkheid van vrouwen en polygamie.
Rokia is een wonderkind. Haar muziek laat zich omschrijven door de termen wereldmuziek, afropop en Malinese traditie te mengen. Haar roots leiden terug naar de Bambara-stam, een bevolkingsgroep die bekend staat om haar griots (muzikanten/ traditiebewaarders van oude verhalen). Zij behoort tot de hogere klasse, haar vader was diplomaat, maar desondanks koos Traoré voor een carrière in de muziek.
In 1998 bracht ze haar eerste album uit en dit jaar haar laatste. Tien jaar lang draait de Malinese dus al mee. En in die jaren heeft ze Europa, Amerika en Afrika overtuigd van haar kunsten. Agadir is ook overtuigd. Er wordt misschien nog niet volop gedanst, maar er wordt wel vol bewondering gekeken en het jongere publiek gaat wel los op de Malinese klanken.
Rokia zweeft in haar witte kleding over het donkere podium, haar bandleden en zijzelf lijken uitermate tevreden. Ze hebben plezier en brengen hun vlotte afrobeatpop met een grote glimlach op het gezicht. En die glimlach krijgen ze terug van het Agadiri publiek.



Darga rockt op hoog niveau en overtuigt het publiek moeiteloos van hun kunsten. Scene Bijaouane kent deze donderdagavond in volle glorie. Honderden Darga-fans maken deze show tot zeker een van de toppers van Timitar ‘08.
Darga is humor, Darga is speels, Darga is dansen, Darga is zingen tot je longen echt leeg zijn. De groep uit Casablanca werd in 2001 opgericht door een aantal studenten. Nu, anno 2008, zijn ze met hun strakke mix van gnaoua en rock, reggae en ska nog steeds koning te rijk van deze Marokkaanse muziekscene.
Het is prachtig om te zien hoe de twee zangers een oud gnaoua-nummer als Mimouna zo weten te pimpen dat het echt lijkt alsof het van henzelf afkomt. De percussionist, drummer, gitarist, bassist, zangers; alles leeft op het podium. Het is een uur lang onafgebroken onrustig in de meest positieve zin van het woord.
Echte knallers zijn natuurlijk Syndiya (een paar dagen eerder nog was de grootmeester van dit lied, Hamid El Kasri, te zien op het Gnaoua Festival in Essaouira) en Stop/Baraka (titelnummer van hun laatst verschenen album).
De hele avond lang wordt er vanuit het publiek gegild voor dat ene nummer: Tchoumira. Natuurlijk kan het niet uitblijven, dit lied is hun grootste hit te noemen en voor veel jongeren praktisch een volkslied geworden. Een prachtige afsluiter voor een enthousiaste, energieke en overtuigende show.








De donderdagavond op Place Al Amal stond in het teken van Alpha Blondy. Deze zanger uit de Ivoorkust wist met zijn band, The Solar System, een onvergetelijke show neer te zetten. Het was de tweede keer dat Alpha Blondy op Timitar speelde en wederom succesvol.
De band kwam in djelleba’s het podium op en opende met het nummer Sebe Allah Ye. Was dit, net als de vorige keer, de toon die Seydou Koné (zoals hij echt heet) wil zetten? De grote hits vol statements die de Ivoriaan schreef zijn bekend bij het publiek. Luidkeels worden de nummers meegezongen.
Koné en zijn band spelen een energieke show, de hogepriester van de Afrikaanse reggae doet zijn naam eer aan. Hij zingt in het Diuola (dialect), Frans, Arabisch en Hebreeuws. Wie wil begrijpen waarom moet zich in zijn achtergrond verdiepen: Blondy is opgevoed door zijn oma die hem alles over de Koran leerde, en hij leerde zichzelf Frans via de Bijbel. Daarna heeft deze man nog verschillende taalstudies gedaan en bekeerde zich tot het rastafari-geloof.
De zanger is een bewogen man die zich ergens hard voor wil maken. Regelmatig legt hij een tekst uit of roept hij iets over zijn teksten. De grotere nummers met lading als Jerusalem en Brigadier Sabary ontbreken dan ook niet. En bij Coco di Rasta gaat heel Agadir los.
Maar in het publiek is het deze avond wel erg op de zakken letten.. kleine ruzies .. en handtastelijkheden… Sommige mensen hebben de boodschap van Blondy dus nog niet begrepen: op naar een Afrika waar mensen vredig samenleven en vrede heerst. Desondanks: dit was zeker een van de hoogtepunten van Timitar.








Electronische muziek heerste op Scene Bijouane woensdagavond. Tijuana Sound Machine zette de kroon op de avond: dromerige, dansbare electro wereldmuziek met Mexicaanse invloeden.
Timitar was blij dat deze groep, helemaal vanuit Mexico, een gaatje had in hun drukke agenda voor Timitar 2008. Toch werden de Mexicanen niet erg enthousiast ontvangen, ondanks een goede show.
De electronische beats van Tijuana Sound Machine worden moeiteloos gemengd met een live trompetspel en flinke gitaarscheuren. De trompetgeluiden doen je meteen denken aan de Mexicaanse cultuur.
De twee dj’s van het Nortec Collective verruilden af en toe hun tafel om even een solo te geven met een klein computertje. Tel daar nog eens stoere visuals bij op en je hebt een behoorlijke dj-set.
Nortec Collective Tijuana Sound Machine deed volop zijn best in Agadir, maar het werd niet zo enthousiast onthaald als verwacht. Desondanks was het een show die je eigenlijk niet had moeten missen.




Waar Place Al Amal naar de traditie terugging woensdagavond, ging Scene Bijouane de toekomst in. Ruige, experimentele electro van Zong en de vrolijke dj-set van Tijuana Sound Machine zorgden daarvoor.
Zong is een drietal van het eiland La Réunion. In 1996 vonden de zangeres en dj elkaar omdat ze bij dezelfde folkloristische groep zongen. In Zong is van die folklore niks meer terug te zien! Hun zangeres – vrolijk uitgedost met gekke staartjes en een boel kettingen om haar nek – rent, sprint, vliegt over het podium tot aan het publiek toe.
De dj – met blitste rood/roze hanekam - gooit alle knoppen vol open en de drummer is een waar beest in zijn enthousiasme. De jonge bezoekers van Scene Bijouane kijken in ieder geval hun ogen uit. Als de zangeres naar verschillende capoeira-instrumenten grijpt om het feest compleet te maken, lijken toch de eerste voetjes en hoofden voorzichtig op en neer te gaan.
Wat Zong nou precies is, tsja, dat laat zich echt alleen maar verklaren door ze een keer te gaan bekijken. Het is ruig, het sprint, het beweegt, het heeft een groove maar het heeft vooral een experimenteel smaakje.

